Alles wat je maar wil vragen

Na de pauze is er ruimte voor vragen vanuit het publiek. We barsten van de vragen -zodra we thuiskomen, en we hadden ze ook -voordat we plaatsnamen in het publiek, maar de omschakeling van observator naar degene die Van der Vlugt aan de tand moet voelen, kunnen we als herten in koplampen simpelweg niet maken. Mijn eerdere vraag die ik jullie beloofd had te stellen, komt dan ook niet over mijn lippen. De vraag die ik wel stel is bijna preuts: ‘Je had het eerder over Ginevra, dat het in dit boek happier afloopt dan bij Romeo en Juliet. Geloof je niet in happy ends?’ Ik besef me meteen dat dit een stomme vraag is. Ze is een thrillerschrijver. Maar die paar hoofdstukken van Ginevra die ik gelezen heb, waren zoeter dan ik van Van der Vlugt gewend ben. Ik hoop dat ze me het tegendeel bewijst en haar karakters in Ginevra van een klif had willen gooien, maar ik krijg slechts het antwoord ‘dat ze eens zin had in wat anders.’ Ik verbijt mezelf tot aan het eind van de vragenronde om een tweede vraag te stellen, een echte vraag, zoals een journalist betaamt. Maar ik merk dat ik vooral het einde van mijn zelfgeschreven verhalen zit te overdenken: Heb ik mijn eigen karakters ook altijd van een klif gegooid? Of had ik ook eens zin in wat anders?

Inspiratie en transpiratie

De zaal valt opnieuw stil. De man naast me zweet, hij wordt door zijn vrouw in zijn zij gepord om het stokje over te nemen. Het zou ondankbaar zijn geen interesse te tonen, maar in ieder van ons heeft Humberto Tan, ineens negen jaar oud, het nog steeds moeilijk om de koplampen die Van der Vlugt nu op ons werpt, te negeren. Een vrouw op de eerste rij stelt daarop een van de meest gestelde vragen, waarop de zaal opgelucht knikt. Van der Vlugt herhaalt de vraag en beantwoordt hem met een glimlach: ‘Wat een plot triggert? Hhmm. Stukjes uit de krant, op tv, dingen die je meemaakt, angsten, of situaties vlak om de hoek. Voor Blauw water bijvoorbeeld had ik gehoord dat er een TBS-er in mijn omgeving was ontsnapt. Diezelfde dag nog had ik politie bij de achterdeur. Er waren meldingen geweest van buren over een insluiper. Het bleek om mijn zwager te gaan, die een eerder aangeboden klusje kwam uitvoeren. Maar in mijn boek is het de TBS-er die aanklopt. Het idee alleen al van alles dat fout had kunnen gaan is genoeg.’ Ze vertelt ook over een overval in Amsterdam die ze zelf heeft meegemaakt, en over die keer dat ze schreeuwend achter een fietsdief is aangerend met een oerinstinct waarvan ze niet wist dat ze dat had. Misschien is dat het mooie van thrillers die je laat plaatsvinden in Nederland: het komt ineens heel dichterbij.

De in zijn zij geporde man vraagt of vrouwen betere thrillerschrijvers zijn dan mannen. Van der Vlugt geeft aan dat vrouwen vooral andere schrijvers zijn. ‘Ze schrijven gruwelijker en plastischer. En kunnen zich misschien beter inleven in doodsangsten.’ Bij al die incidenten in Amsterdam zat ze steeds met de vraag: freeze or flight? ‘Zoiets achtervolgt je. Het hangt dus ook van je ervaringen en interesses af. Mannen kunnen net zo goed thrillers schrijven als vrouwen, maar schrijven meestal over andere onderwerpen.’ Van der Vlugt beperkt zich daarbij vaak tot het het schrijven van boeken die ze zelf ook zou lezen.

De monden komen ineens los. ‘Wat voor boeken lees je dan?’ Hoor ik vanuit het midden van de zaal. ‘Niet zoveel de laatste tijd. Ze zeggen wel eens: Als een schrijver wordt geboren, gaat er een lezer verloren.’ Wat ze vooral leest zijn boeken die haar helpen bij haar onderzoek. Heel af en toe leest ze nog wel eens ‘iets van Arthur Chapin, Hella Haasse of Ken Follett.’

Onze Humberto Tan is wakker, zelfs de achterste rij stelt een vraag: De Doorbraak gaat over roem, hoe ga je zelf met roem om?’ ‘Best goed eigenlijk, zolang ik het geluk heb ervan te kunnen genieten. Ik praat makkelijk, vertel veel, je kan de deur nog eens uit. Het is letterlijk even een pauze van het proces en de karakters. Ook nu staan ze achter me, maar ik hoor ze even niet. Het is daarnaast fijn dat je de doelgroep kan ontmoeten, dat je hoort wat er speelt en wat hen raakt.’ Daar had ze een trip naar Sneek wel voor over. De zaal bloost. Ik staar naar de hoek achter haar en besef me dat niet gepubliceerde mensen hiervoor zouden worden opgenomen. Copper kijkt ook even op -naar de stemmen in de hoek. >

Auteur: Samantha Haitsma

Schrijfdocent van Friesland Schrijft is Samantha Haitsma. Ze studeerde aan de Schrijversvakschool van Amsterdam en deelt haar passie voor schrijven graag met schrijvers en boekliefhebbers uit de regio.

2 Replies to “Interview Simone van der Vlugt

  1. Wat prachtig weergegeven Samantha. Je hebt het interview mooi gevat in dit artikel. Heel leuk om het door jouw ogen het interview opnieuw te beleven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *